03/06/2026
๐๐ ๐ฌ๐ฉ๐ข๐๐ ๐๐ฅ ๐ฏ๐๐ง ๐ก๐๐ญ ๐ก๐๐ซ๐ญ
๐๐๐๐๐ ๐๐๐๐๐ ๐๐๐ ๐๐๐๐๐๐๐ ๐๐๐๐๐๐๐๐๐๐๐๐, ๐๐ ๐๐๐๐๐๐๐๐๐๐๐๐ ๐๐๐ ๐๐๐๐ ๐
๐ ๐๐๐๐.
๐๐ฉ๐ซ๐๐ฎ๐ค๐๐ง ๐๐:๐๐ (๐๐๐๐๐)
Bij mijn afscheid van school kreeg ik van een lieve collega een kaartje mee. Op dat kaartje had zij deze tekst uit Spreuken geschreven: "Zoals water het gezicht weerspiegelt, zo weerspiegelt het hart de mens." Daaronder schreef ze een aantal woorden over hoe zij mij had ervaren in de jaren dat we samenwerkten.
Die tekst bleef bij me hangen. Misschien juist omdat een afscheid een moment is waarop mensen terugkijken. Ze kijken niet alleen naar wat je gedaan hebt, maar vooral naar wie je voor hen bent geweest. En precies daar raakt deze spreuk aan iets wezenlijks.
"Zoals water het gezicht weerspiegelt..." Dat beeld is eenvoudig. Wie zich over stil water buigt, ziet zichzelf. Maar dan volgt de verrassende tweede helft: "zo weerspiegelt het hart de mens."
Wij leven in een tijd waarin veel aandacht uitgaat naar wat zichtbaar is. Naar prestaties, resultaten, uiterlijkheden en indrukken. Maar de wijsheid van Spreuken richt onze aandacht op een andere werkelijkheid. Niet de buitenkant vertelt wie wij werkelijk zijn, maar het hart.
In de Bijbel is het hart de plaats waar onze diepste verlangens wonen. Het is de bron van onze woorden, onze keuzes en ons handelen. Wat daar leeft, komt uiteindelijk naar buiten. Misschien niet onmiddellijk, maar op den duur wel.
Dat is een gedachte die zowel troostrijk als confronterend is.
Troostrijk, omdat God verder kijkt dan wat mensen zien. Hij kent ons hart. Hij ziet de intenties die soms verborgen blijven achter onze woorden of daden. Hij ziet de liefde die niet altijd wordt opgemerkt. Hij ziet ook het verdriet, de zorgen en de worstelingen die wij voor anderen verborgen houden.
Maar het is ook confronterend. Want we kunnen ons niet verschuilen achter een zorgvuldig opgebouwd beeld van onszelf. Voor God telt niet alleen wat wij doen, maar ook wat ons drijft. Niet alleen onze woorden, maar ook de bron waaruit die woorden voortkomen.
Daarom is deze spreuk uiteindelijk niet in de eerste plaats een uitnodiging om naar onszelf te kijken, maar om ons hart aan God voor te leggen. Wat leeft daar? Wat heeft zich daar genesteld? Liefde of bitterheid? Vertrouwen of angst? Mildheid of oordeel?
Want het bijzondere van het evangelie is dat God niet alleen ons hart doorgrondt, maar het ook vernieuwt. Steeds opnieuw. Hij laat ons niet alleen zien wie wij zijn; Hij vormt ons ook meer naar wie Hij ons bedoeld heeft te zijn.
Misschien is dat wel de diepste vraag die deze spreuk vandaag aan ons stelt: als ons hart werkelijk weerspiegelt wie wij zijn, wat zou God dan in ons hart willen laten groeien?
Moge Hij ons harten geven die steeds meer worden gevormd door Zijn liefde, zodat in ons leven iets zichtbaar wordt van Hem die naar het hart kijkt.
Amen.