17/08/2025
Femicide, het doden van vrouwen op basis van hun gender, is de laatste tijd (terecht!) veel in het nieuws. Daders worden in de media veelal neergezet als machtswellustelingen en kille narcisten, terwijl ik in de PI een ander beeld zie. Mannen die zich binnen intieme relaties vooral ook onmachtig en handelingsverlegen voelden, iets waardoor emoties hoog op konden lopen en conflict tot een dieptepunt escaleerde. De media-aandacht voor femicide legt naar mijn idee bloot dat we als samenleving dienen te investeren in emotionele intelligentie. Iedere inwoner van Nederland de mogelijkheid zou moeten krijgen te leren over zaken als emotie-regulatie en conflicthantering. Abstracte woorden die in de praktijk neerkomen op het leren herkennen van hoe je je voelt om op gepaste wijze grenzen, behoeften en verlangens te uiten. Je eigen innerlijke wereld leren kennen en respecteren om zo te vaardigheid te ontwikkelen hetzelfde voor een ander te doen. Dit zodat we conflicten aan kunnen wenden om elkaar beter te begrijpen. Beter te snappen welke eigen emotionele wonden getriggerd worden om de verbinding te gebruiken voor heling, en het ervaren van werkelijke intimiteit. Investeren in emotionele intelligentie als collectief antwoord op femicide en eerbetoon van diens slachtoffers.
Onderstaand verhaal gaat over geweld tegen vrouwen en is te vinden in mijn boek "Het jaar rond, humanistische inspiratie uit de bajes'
Niet met voorbedachten rade
Ik sla de krant open en zie een bekende naam in de kop. Als ik naar de compositietekening kijk, herken ik hem direct. Het artikel beschrijft een ernstig delict waar deze gedetineerde uitgebreid met me over heeft gesproken. Een delict dat zijn leven volledig overhoop haalde en waar hij volkomen verbijsterd over is. Het is vervreemdend nu óver hem te lezen en daarmee het delict in een ander licht te zien. Vervreemdend en tegelijkertijd klinkt het allemaal volkomen logisch dat dit over de zaak geschreven wordt. Want dat is wat het is: heftig. Het is vervreemdend te bedenken dat iedere willekeurige krantlezer enkel deze versie zal lezen, terwijl ik vanuit de ogen van de gedetineerde naar de zaak kan kijken. Door zijn openhartigheid kan ik reconstrueren wat zijn gedachten en gevoelens zijn geweest voorafgaand, tijdens en na het delict. En dat die anders zijn dan het krantenartikel wil doen geloven.
De eerste keer dat ik in mijn werkkamer tegenover hem zat, voelde ik tijdens onze kennismaking gaandeweg ongemak opkomen. Langzaam werd me duidelijk waar hij van verdacht werd en begon ik me verschrikt af te vragen of hij te vertrouwen was. Of hij zijn emoties onder controle zou hebben en voor de zekerheid hield ik mijn hand in de buurt van mijn pieper. Het bleek, zoals de bewaarders al hadden ingeschat, niet nodig. Wanneer hij zijn verhaal uit de doeken doet, komt namelijk naar voren dat het delict niet uit het niets is ontstaan. Dat de opmaat een giftig interactiepatroon was, waarbij ook het slachtoffer niet zonder blaam was, aldus de gedetineerde. Een verhaal dat veel minder zwart-wit is dan dat het krantenartikel me wil doen laten geloven. Een moeilijk verhaal, waarbij ook zijn grenzen overschreden werden en het uiteindelijk tot een tragische escalatie kwam. Dat giftige interactiepatroon bereikte een absoluut dieptepunt, iets dat hem nu voor de moeilijke taak stelt in het reine te komen met dat hij geen contact meer heeft met een betekenisvolle ander en hij bovendien schuldig is aan het veroorzaakte leed.
Ik spreek hem met enige regelmaat en hij vertelt, naar wat het lijkt, openhartig over hoe het met hem gaat. Ik luister, maar voel tegelijkertijd de plicht met hem te werken aan het nemen van verantwoordelijkheid over de gehele situatie en uit dynamieken te blijven waarbij de schuld bij het slachtoffer wordt gelegd. Met hem binnen zijn emotionele wereld de haakjes te identificeren waaraan zijn ongezonde verstrengeling met die ander opgehangen kon worden en ontdekken wat hem ontvankelijk maakte voor dat interactiepatroon. Een interactie waarin hij tot dader verwerd. Samen graven we diep naar de oorzaak van het delict, zodat ik hem hopelijk nooit meer zal tegen komen in de vorm van een compositietekening.