14/06/2026
ENKELE AANTEKENINGEN OVER "TER BEETEN" OF "STRIKKENHOF" TE NUNHEM
door Sef Adams (25 juli 1996/14 juni 2026) {Foto hieronder: veertiger jaren vorige eeuw door H.L. in: "De oude appelboom'" (Heerlen 1946)]
A) ALGEMEEN
De eeuwenoude boerderij Strikkenhof is gelegen aan de linkerkant van de weg van het klooster Sint Elisabethsdal te Nunhem naar Buggenum en aan de rechterkant van de weg van Nunhem naar Haelen. Een kruispuntlocatie derhalve. In het begin van deze eeuw (ca 1900/1920) wordt de boerderij in de archiefstukken ook “Strikkenhof” genoemd, daarvoor eeuwenlang ”Ter Beeten" en in het begin van de 17e eeuw na het verdwijnen van de familie van Boetzelaer wordt het ook ”Botselershof” genoemd of met de derde naam, ”Strikkenhof”. Deze laatste naam zou te maken kunnen hebben met een pachter of beheerder met de naam Stric. Deze naam komt in deze contreien voor, maar vooralsnog zijn geen concrete gegevens opgezocht kunnen worden. Momenteel is de naam Strikkenhof in gebruik.
Het huidige Strikkenhof laat zien dat het totale bouwwerk een herenhuis combineert met een boerenhof. De voorzijde rechts van de poort naar het binnenerf had in de vijftiger jaren hoog gelegen ramen, de plafonds hadden bescheiden versierd stucwerk. Dat gedeelte indertijd via een trap te bereiken, werd raadhuis genoemd. Verder zijn nog gedeeltes van een oude 18 eeuwse afscheidingsmuur waarneembaar en voor het vroegere herenhuis staat een achthoekig uit veldstenen opgetrokken torentje. Eind 1971 woedde een brand in het vanuit de voorzijde gezien aan de linkerkant gelegen schuurgedeelte. Dat gedeelte is na herstel er niet fraaier op geworden. Dat geldt evenzo voor de uiterlijke verbouw van het voormalig "raadhuis". De laatste twee cijfers van een ankerjaartal (18...) zijn weggevallen achter een zijbouw. Een student bouwkunde of architectuur zou eens een poging moeten kunnen doen in het kader van een stage project een voorlopig verslag te maken van de bouwgeschiedenis van Strikkenhof.
B) TER BEETEN IN BEZIT VAN GHOOR TOT 1535
In de 15e eeuw blijkt Ter Beeten een laathof te zijn in bezit van de familie van Ghoir. Arnold van Ghoir, die voor 1500 stierf, is volgens mijn gegevens de eerst met naam gekende bezitter van de hof Ter Beeten in Nunhem. Hij was gehuwd met Alverda van Oest tot Hillenraed en had één dochter, Gertrudis.
Deze Arnold was 2e zoon van Daniel van Ghoor (+7-4-1451) en Gertrudis van Bocholt tot Kaldenbroek (+1472). Dit echtpaar was bezitter van het huis en hof te Overhaelen, "Aldenghoir" geheten en alle aanhorigheden. De grote toren van 'kasteel Aldenghoor' werd naar alle waarschijnlijk door deze Daniel van Ghoor gebouwd. Tot het bezit van Alden-ghoor behoorde onder meer ook de hof Ter Beeten.
Gertrudis van Ghoor, dochter van Arnold en Alverda erfde Aldenghoor en ook de hof Ter Beeten (den hof Terbeten in het kerspel van Nuynhem met cynzen en met de "speckhen") en bracht dit alles op 29 september 1514 onder huwelijkse voorwaarden in in haar huwelijk met Dirk van Boetzelaer, erfschenk van het land van Cleef. (Akte van huwelijkse voorwaarden Rijksarchief-Maastricht). Haar moeder Alverda van Oest tot Hillenraed overleed in 1531 en Werner von Pallant Breidenbent, drossaard van Wassenberg, die de tweede echtgenote van Alverda was, overleed in 1535.
C) TER BEETEN IN BEZIT VAN VAN BOETZELAER 1535-1629
Toen pas kon Dirk van Boetzelaer op 8 oktober 1535 het huis en de goederen van Aldenghoor, dat toen een vierbundiche leen was, verheffen in Horn: “dat huys en hoef t' Overhalen geheiten Aldegoir, eenen hoef tzo Nunhem geheyten den hoff T'ger Beten, eenen hoef tzo Neer geheiten den hoef tzo Haenschen (Hansum), ene hoef tzo Hooir (Horn) gelegen op Rutichoven”.
Hun erfgenaam en zoon Dirk van den Boetzelaer verhief op 7 mei 1547 in Horn “den hoif Ter Beeten” en op 4 april 1629 werd Ter Beeten samen met de andere Aldenghoor-goederen geruild met Frans de Mauleon, baron de la Bastide, voor een goed in de Belgische Ardennen. Negen dagen later wordt de familie De Keverberg eigenaar van Aldenghoor. Het geslacht Boetzelaer was dus in de periode 1535-1629 bezitter van Aldenghoor en onder meer dus ook van de hof Ter Beeten.
D) TER BEETEN IN BEZIT VAN DE WITTENHORST 1629-1736
De hof Ter Beeten komt echter niet in handen van de Keverbergs maar in bezit van de familie de Wittenhorst (heren van Horst bij Venlo). Op 17 maart 1705 wordt een Joannes Franciscus als zoon van heer Arnoldus Wyttenhorst en vrouwe Marie van Odenhoven in de kerk te Nunhem gedoopt. Peter en meter zijn: Franciscus de Wittenhorst “per dnum Joannem de Odenhoven” en vrouwe Elisabeth Odenhoven “per dnam Agnetem Engels”. Op 7 januari 1707 wordt een Maria Elisabeth Francisca als dochter van Arnoldus Wittenhorst en Maria Margaretha van Odenhoven in de kerk te Nunhem gedoopt Peter en meter zijn: Joannes Georgius van Odenhoven en Maria Marten Kloot “per Agnetem Grimmont”. Op 20 februari van datzelfde jaar 1707 overlijdt heer Arnoldus Wittenhorst en wordt begraven in “medio ecclesiae” in het midden van de kerk van Nunhem.
De bovengenoemde Maria Margaretha van Odenhoven was een dochter van het echtpaar Jan Frans van Odenhoven/de Lom de Westeringh. Deze was weer verwant met Jan de Waes en Margaretha van Nunhem. Deze laatste bracht het Huys Nunhem in in haar huwelijk met deze Kessenichse jonker. Maria Margaretha van Odenhoven werd op 16 december 1735 begraven in de kerk van Nunhem (ante magnum lapidem = voor de grote steen); zij was voor de eerste maal gehuwd met Arnold van Wittenhorst, waarvan ze de twee bovengenoemde kinderen had. Op 1 december 1708 huwde Maria Margaretha van Odenhoven opnieuw met Johan Baptist de Ryllaert, van wie zij vier kinderen had: Maria (1709), Anna (1711); Frans (1714) en Peter (1720).
E) TER BEETEN IN BEZIT VAN VON FüRSTENBERG 1738-1819
Op 4 november 1734 gaat de prins-bisschop van Luik op verzoek van Marie Adrienne Alexandrine Thérèse geboren barones de Wittenhorst en weduwe d'Arberg de Valenging (en kennelijk zuster van bovengenoemde baron Arnold) akkoord om over de leen, bekend als de "cijns Ter Beeten te Nunhem" te kunnen beschikken. Zij maakte in 1736 een testament ten gunste van haar nicht Marie Alexandrine de Fürstenberg, die in 1738 Ter Beeten erft. Clemens Lotharius, baron de Fürstenberg en broer van voornoemde Marie Alexandrine erft Ter Beeten in 1754.
In het archief van het graafschap Horn worden processtukken bewaard in een zaak tussen de "Graven von Arberg zu Fresin und die Fálársting von Salm-Anholt gegen Claude Lamoral Prinz de Ligne und Fsfelriedrich Otto von Wittenhorst zu Sonsfeld" en een appel in Berlijn in een zaak tussen de "Prinz de Ligne und den general-lietenant Wittenhorst". In hoeverre dit met de bovengenoemde vererving te maken zal nog onderzocht moeten worden.
Ter Beeten komt dus in eigendom van de Fürstenbergs. De laatste afstammeling van uit deze baronnen-familie de Fürstenberg, was zo gehecht aan zijn oude adellijke belastingvrijheid dat hij zowel onder het Franse en later onder het Hollandse regime weigerde belasting te betalen. In Horst liet hij zijn eigendommen redelijk verwaarlozen en toonde zich zeer recalcitrant ten opzichte van de verworvenheden van de nieuwe tijden. De verhalen in Horst daaromtrent zijn legio en werden als zodanig ook naar Nunhem overgeplant (o.a. door Ton Lemaire en Piet Abrahams). In ieder geval als gevolg van de weigering tot belasting betaling van baron de Fürstenberg wordt het eigendom van Ter Beeten in 1819 in het openbaar verkocht door de Nederlandse staat.
F) TER BEETEN IN BEZIT VAN MULBRACHT EN BEERENBROEK 1819-1916
Aankoper en nieuwe eigenaar is Andreas Mulbracht uit Roermond (voor 1823 in bezit van Sint Elisabeth te Nunhem, en reeds in 1800 van Mylenborg te Buggenum). Via een van de twee dochters van van Mulbracht komt Ter Beeten in bezit van de familie de Beerenbroek (eigenaars van Sint Elisabeth en Kasteel Nunhem). Ter Beeten werd als "mairie" onder meer bewoond door Peter Joseph Theodoor Beerenbroek, die van 1843-1849 burgemeester van Nunhem was. Na het overlijden van Paul Storms, sinds 1863 bewoner van het kasteel Nunhem en burgemeester van Nunhem van 1888 tot aan zijn dood in 1896, verhuren zijn weduwe Hubertine Storms-Beerenbroek en Jacob van der Kun gehuwd met Sophie Storms, 2e dochter van het echtpaar Storms-Beerenbroek, een deel van het gebouw Ter Beeten aan de gemeente Nunhem tot gebruik als raadhuis (Gemeente archief Nunhem, 625). Deze functie als "mairie" duurt kennelijk tot het begin van de jaren dertig toen Nunhem een nieuw raadhuis in gebruik nam.
In 1910 raakte Ter Beeten door erfenis in eigendom aan Oscar Beerenbroek, president van de rechtbank te Roermond en broer van Hubertine Storms-Beerenbroek. Deze overlijdt ongehuwd op 19 juni 1916. Sint Elisabeth en Strikkenhof worden dan verkocht. In 1905 hadden de erven Storms-Beerenbroek reeds het kasteel Nunhem verkocht. Waarmee een definitief eind kwam aan het bezit van de Beerenbroeks in Nunhem. In het begin van de 20e eeuw blijkt in Strikkenhof ook een Fuus gevestigd (GAN).
Na WO I zijn Mols en Smeets eigenaar van Ter Beeten alias Strikkenhof. Beiden voerden er een landbouwbedrijf.
Tenslotte over de feitelijke bewoners van Ter Beeten in de voor Franse periode kunnen we momenteel weinig stellen, dan zouden de we cijnsboeken van de graafschap Horn en meer speciaal van Aldenghoor moeten doorspitten en de archieven van bovengenoemde families.
G) TERBEETEN EN DE HUISNUMMERS EN HUISHOUDENS IN NUNHEM 1900
man vr. tot.
Terbeeten 1.Caris Hubert 2 3 5
Dorp 2.windmolen 4 - -
Dorp 3.kapel [ST.JOZEF] - - -
Dorp 4.Jeuken Theodoor [BOERENWEI] 4 3 7
Dorp 5.Wed.G.Van den Bercken - 1 1
Dorp 6.Bongaerts [KOSTER] 4 3 7
Dorp 7.Stassen P.H.H. [PASTORIE] 1 1 2
Dorp 8.kerk [PAROCHIE-KERK] - - -
Dorp 9.Houben P. [CAFE] 5 5 10
Dorp 10.Janssen H. 3 3 6
Dorp 11.V.Rijckevorsel L. [KASTEEL] 3 5 8
Dorp 12.Wed.H.Coolen 1 2 3
Dorp 13.Jeuken M. 3 2 5
Dorp 14.Hendrickx A. 4 2 6
Dorp 15.kapel [ST.JOB] - - -
Dorp 16.Verheijden P. ['t HOAFKE] 3 2 5
Dorp 17.Geelen J. [CAFE] 1 3 4(bbk)
Dorp 18.kapel [ST.SERVAAS] - - -
Dorp 19.Ottenheim J. 2 2 4
Dorp 20.Caris W. 4 2 6
Dorp 21.Verheijden Corn. 3 3 6
Dorp 22.Wijers M. 2 1 3
Dorp 23.Van den Bercken J. 4 1 5
Dorp 24.Wed.P.Coolen - 4 4
Dorp 25.Joosten W. 4 3 7
Dorp 26.Caris H. 3 2 5
Dorp 27.Op 't Roodt W. 2 1 3
Dorp 28.Verheijden P.J. 4 2 6
Dorp 29.Wed.Fr.Stoks 6 2 8
Molenberg 30.Van Herten M. 1 1 2
Molenberg 31.Ottenheim Jean 3 4 7
Molenberg 32.Wijers Lor/echtg.Gubbels 1 2 3
Molenberg 33.Verstappen P.M. 3 2 5
Molenberg 34.Coenen H.H. 3 2 5
Dorp 35.Gijsen J. 6 3 9
Dorp 36.Naus J. 5 3 8
Dorp 37.Hobus M. 3 1 4
Dorp 38.Wijers Jos 3 5 8
Terbeeten 39.Bex P. 5 3 8
Terbeeten 40.Peeters Wed.P.J. 3 5 8
Terbeeten 41.Centrifuge [STRICKENHOF] - - -
Terbeeten 42.Bekx A. 3 2 5
Terbeeten 43.Van Herten J.H. 2 4 6
Terbeeten 44.Hendrix Jos [BELLE-NAAD] 3 3 6(bbk)
Terbeeten 45.Caris G. ['t HITJE] 3 4 7(bbk)
St.Elisabeth 46.Van Roij Ch. 5 5 10(bbk)
St.Elisabeth 47.Hendriks P. 5 5 10(bbk)
St.Elisabeth 48.onbewoond - - -
St.Elisabeth 49.Jeuken P.W. 4 2 6
Leu 50.Leumolen - - -
Leu 51.Smeets L. 4 3 7
Leu 52.Rutten Jean 8 3 11
Totaal 263
H) TERBEETEN IN DE OUDE VELDNAMEN VAN DE PASTOORSTIENDEN
Over de veldnamen rondom Ter Beeten of Strikkenhof worden we ingelicht door het overzicht van de tienden van de pastoor van Nunhem, in 1728 samengesteld door pastoor Mertens van Nunhem (1721-1731) uit een register van 1636 en een van 1653. (zie mijn opstellenboek van pagin 91, 92 en 95). Het gaat hier duidelijk om novaal tienden (tienden op nieuw ontgonnen land of weide). Uit de hieronder volgende citaten in authentieke spelling blijkt dat in 1728 en wellicht dus ook in 1636 en 1653 behalve ”Ter Beeten” ook de naam ”Strickenhof”, “Strickenhuys” en “Botzelershooff” functioneren. En nu de opsomming:
“De kamp van den hof Ter Beeten, vulgo (in de volksmond) Stryckenhof gelegen achter het selve huys, thient den pastoor van Neunhem tot den wegh loopende van Stryckenhuys tot Leu-waert. De andere zijde van de voors. wegh thient Haelen.”
“Item in den selven camp voorheens van eenen eijckenboom staende in Botselers hegge, die men nu noemt Stryckendobbelhegge, nu van den heester staende in de koule in de selve hegge.”
“Item Strycken Neuwen Camp, tient den pastoor van Neunhem gelyck einen doorenstruyck voorheens staende in Botselershegge in wiens plaets nu gestelt is een staexken, op den thooren van Sint Elisabeth, die sijde naer Neer, thient den pastor van Neunhem, die andere zijde thient Haelen.”
“Item Botselers alias Strycken Heysterboosken nu lant gemackt zijnde, gelegen neffens den voetpaet loopende in den Joncker, thient den pastor van Neunhem alleen.”
“Item een kleyn stucxken lant gelegen tussen de groote koule en het voors. Heysterbosken eertijds Dyrijck Pretoris nu Peter van der Linden toebehoorych van den voetpat tot een voor gelegen tussen voornoemt Stryckerlant en Hendryck Beurskens Lant, thient den pastoer van Neunhem.”
“Item de Camp quondam (vroeger) den Beggerter, modo (nu) genaemt den Cruysckamp van het vaerengaet van Botselers alias Strycken Neuwen Camp recht te sien opwaerts tussen Wyckersloot's huys en zijn port, die kleyne zijde naer de straet thient Neunhem, die ander zijde na Haelen theint Haelen." (Wyckersloot's woonden op de Meulenberg)”.
[Nota: In 1602 is een Adolf Willem van Beggendorf bezitter van de Leumolen]
[Nota: de familie van Boetzelaer was van 1535-1629 bezitter van Ter Beeten]
I) TERBEETEN IN DE OUDE VELDNAMEN VAN DE KOSTERSTIENDEN
Dan uit de tienden van de kosterije van Nunhem, in 1728 overgeschreven door pastoor Mertens uit een register van 1639 geschreven door pastoor Michiel Oems pastoor van Nunhem en deze schreef het weer af uit een register van 1611 van de hand van notaris Andreas Driessen pastoor van Neer.
“Item over die Lantweer naer Horne waert naer Botselers hooff van eenen heyster staende op Botzelers Dries, soo dan voorts op den thooren van Assel, thient den heer Proost (van Keizerbosch); die zijde naer Horne, thient die van Haelen. Aen dat selve stuck lants, naest den voors. Dries, thient den custer van Neunhem, van een heyster staende in Botzelers beemt tot op d'eynde van der heggen geheeten den Beggert, dies zijde naer de kircke van Neunhem, thient den kuster van Neunhem.”
“Iten op een stuck lants gehoorende aen Strycken Hoof neffens den wegh loopende van Neunhem nae Buggenum, heeft den kuster de thiende beginnende van eenen pael liggende aen het lant van de erfgenaemn van Jan Stocx, siende op den hof van Kleyn Mielenborgh en den kuster thient de zijde naer Neunhem.”
[Nota: In 1602 is een Adolf Willem van Beggendorf bezitter van de Leumolen]
[Nota: de familie van Boetzelaer was van 1535-1629 bezitter van Ter Beeten]