02/03/2022
Verleden jaar werd mijn inmiddels dagelijkse routine om elke dag iets te schrijven, op Palmpasen abrupt onderbroken omdat ik behoorlijk ziek werd door Corona. Drie weken en een ziekenhuisopname later, zakte de koorts en hoopte ik weer snel de draad op te kunnen pakken. Uiteindelijk zou het 10 maanden duren voordat ik helemaal hersteld was. In die periode werkte ik wel maar niet volledig. De concentratie om elke dag iets proberen te schrijven, was er niet in mijn hoofd. Wel merkte ik dat het spoor dat ik voor mezelf had ingezet, en waar ik anderen in liet delen, een spoor is geworden wat voor mij heilzaam is. Het lukte me om innerlijk de rust te bewaren, me uiteindelijk aan te passen aan de omstandigheden en de gedachte toe te laten dat ik misschien nooit meer de oude zou worden. En toen was daar voor mij, uiteindelijk onverwachts dat moment dat ik voelde: ‘ik ben er weer.’ Volledig hersteld. Hoe bijzonder is dit. En hoe dankbaar want ik besef maar al te goed dat het ook anders had kunnen zijn, als ik om me heen kijk.
De wens om dagelijks weer iets van Eckhart te lezen en te overpeinzen, groeide weer en ik besloot om die draad op te pakken op Aswoensdag, opnieuw zonder enige verwachting van hoe lang ik dit keer zal schrijven. Misschien nu nog wel meer vanuit de overgave dat ik me wil laten leiden door wat er komt.
Dag 1
“Als ik louter lijden vind om God en in God, daar vind ik God, die mijn lijden is.”
Terwijl ik deze uitspraak lees, komen in mijn hoofd de beelden voorbij van plat gebombardeerde flatgebouwen in de Oekraïne. En hoor ik deskundigen uitleggen dat Poetin deze oorlog wil winnen, koste wat kost. Nog nooit is een oorlog zo bij me binnen gekomen als deze. Ik ben verbijsterd dat dit kan, opnieuw kan. Verbijsterd dat een dergelijke leider aanhang vindt. En verbijsterd om een kamerlid in eigen land die zegt dat hij het ook wel kan begrijpen en dat het westen dit over zichzelf heeft afgeroepen. Zoveel onschuldige levens zijn er nu al te betreuren en er zullen er nog vele volgen. Ik kan het allemaal niet begrijpen. Het maakt me op een bepaalde manier ook vleugellam. Want hoe zou ik nu nog over God kunnen spreken? Ik merk dat ik wil zwijgen. Stil zijn. En uitgerekend op de dag, dat ik mijn dagboekoverpeinzingen weer op wil pakken, staat deze tekst bovenaan mijn lijst. Een verschrikkelijk zware tekst over lijden, waarvan ik op het eerste gezicht opstandig denk: ‘vertel dit maar aan de mensen in de Oekraïne’. Zij zijn ten prooi gevallen aan de grootheidswaanzin van een leider, van wie niemand begrijpt wat er precies in zijn hoofd omgaat, behalve dat het duister en donker is. Maar juist omdat het zo volslagen absurd is, zo niet te bevatten dát dit gebeurt, zijn deze woorden troostrijk. Want hoe absurd het ook lijkt: juist in die waanzin van dit veroorzaakte lijden, is God te vinden als de God die lijden is. Ook dat is voor mij niet te bevatten zoals eigenlijk de 40 dagen als weg naar Golgotha niet te bevatten zijn. Want wat toen gebeurde, gebeurt nu weer opnieuw: onschuldige mensen ten prooi vanwege het machtsspel van mensen. In dit lijden is God te vinden, die mijn lijden is. Misschien is dat ook wel wat uiteindelijk troost kan bieden: dat al die mensen die ten prooi zijn gevallen aan de waanzin, niet aan hun lot zijn overgelaten. Maar dat in hen en bij hen en met hen God te vinden is. Wat Poetin ook wil bereiken: hij zal nooit vindplaats zijn van God. En daarom moet hij en zij die met hem zijn, weerstaan worden met alles wat in ons is. Omdat we weten dat God daar niet te vinden is. “Als ik louter lijden vind om God en in God, daar vind ik God”. Het is geen doekje voor het bloeden. Maar een uitspraak die me bewust maakt van hoe kwetsbaar het leven is. Maar in al die kwetsbaarheid nooit alleen gelaten. Omdat God die kwetsbaarheid is. Omdat God te vinden is in dat verwoeste gebouw, de onschuldige slachtoffers. Beredeneren kan ik dit niet maar intuïtief voel ik aan dat met dit geloof de duistere krachten in de wereld weerstaan kunnen en moeten worden: ‘Daar vind ik God, die mijn lijden is.’