22/10/2026
Donderdag 22 oktober 2026
De Ochtendgroet
_“Weet dat de HEERE God is; Híj heeft ons gemaakt – en niet wij – Zijn volk en de schapen van Zijn weide.”_ - Zo vertaalt de Statenvertaling Psalm 100:3. Zo is dit vers ook in het collectieve geheugen van vele christenen opgeslagen. Het loont daarbij de moeite om bij het lezen van de Bijbel op struikelstenen te letten. Vandaag struikelde ik in mijn bijbel over de woorden: _‘en niet wij’_.
Hebben de bijbelvertalers hier soms zijn eigen ontdekking binnengesmokkeld: dat niet onze vroomheid, maar Gods liefde ons verlost? Sommige vertalingen, zoals de NBV, formuleren inderdaad eenvoudig: _‘De HEER heeft ons gemaakt, Hem behoren wij toe.’_
Maar dat ‘en niet wij’ hebben de vertalers van de Statenvertaling niet bedacht. De Israëlieten wisten allang dat het niet hun eigen verdienste was dat God hen uit de slavernij had bevrijd. Dat zij zijn volk mochten zijn, hadden zij alleen aan zijn goedheid te danken. Misschien hebben de rabbijnen juist daarom, uit de verschillende varianten van de oorspronkelijke tekst, voor deze struikelsteen gekozen.
En zo kom ik vanzelf bij heel andere struikelstenen van onze tijd. Een scherpe overgang. In Heidenau mogen zulke gedenkstenen voor de vervolging en vernietiging van Joodse mensen niet meer worden gelegd. Terwijl juist deze stenen ons eraan herinneren dat het niet onze verdienste is wanneer het ons goed gaat. En dat zij ons waarschuwen voor gevaarlijke trots op ons eigen volk.
Benigna Carstens
(bewerkt door Hans Bloem)